Volg onze mailtjes met tips en recepten
Direct Toegang
X
Volg onze mailtjes met tips en recepten
50% Complete
en ontvang 10 gratis recepten

Page content

article content

Goedkoop veganistisch eten – 15 tips voor je budget

We horen het mensen zo vaak zeggen: “ik zou vaker veganistisch eten als het niet zo duur was”. Alleen, is dat ook echt zo? Moet je als veganist daadwerkelijk dieper in de buidel tasten dan de gemiddelde omnivoor? Het leek ons dus wel handig om het antwoord op die vraag en, niet onbelangrijk, de eventuele oplossingen voor je op een rijtje te zetten. Wanneer je krapjes bij kas zit, zullen deze tips je dan ook echt van pas komen. Als je er warmpjes inzit trouwens ook 😉

Is veganistisch eten duurder?

Zoals vaker is het antwoord hierop zowel ja als nee. Het hangt er immers maar net vanaf wat jouw eetgewoonten zijn en welke ingrediënten/producten je koopt. Dat geldt zowel voor omnivoren als voor vegetariërs en veganisten.

Vooropgesteld: er zijn best veel dingen waar wijzelf best op willen en kunnen besparen … eten hoort daar echter niet bij. Het gaat immers over iets dat je nodig hebt om in leven te blijven en waar we bovendien ook nog eens enorm van kunnen genieten. Nee, liever geven wij extra geld uit aan voeding dan aan, we noemen maar wat, kleding, schoenen, auto’s, meubilair, postzegelverzamelingen of badeendjes in een andere kleur dan het gebruikelijke geel.

Dat gezegd zijnde: het wil natuurlijk niet zeggen dat wij er wekelijks € 250 tegenaan gooien om onszelf he-le-maal vol te proppen. Zoals gezegd hangt het er maar net vanaf wát je koopt en hóe je gewend bent om te koken. Dat maakt echt een budgettaire wereld van verschil. Wat we daar precies mee bedoelen, ga je nu dan ook ontdekken.

1. Hoe puurder, hoe goedkoper.

Je zal het zelf vast wel eens meegemaakt hebben: je gaat naar de supermarkt, komt met een tot de nok gevuld winkelwagentje bij de kassa en vervolgens krijg je de verbazingwekkende rekening voorgeschoteld. Verbazend omdat die rekening de ene keer prima blijkt mee te vallen, de andere keer omdat je je maandinkomen in 1 klap in rook ziet opgaan. Nochtans gaat het in beide gevallen om een volle kar boodschappen.

Het antwoord op dat mysterie vind je op diezelfde rekening én een blik op de spullen die je gekocht hebt. Dan blijkt al snel dat het meeste geld vooral wordt opgeslokt door kant-en-klare producten (in het geval van vegetariërs en veganisten zijn dat o.a. alternatieven voor zuivel, vlees en vis, kant-en-klare veggie/vegan broodspreads, …) en de zogenaamde luxe-producten zoals o.a. wijn, sterke drank en chips. Dus dingen waar je weliswaar van geniet maar die je ook niet per se nodig hebt. Al zijn ze natuurlijk af en toe lekker en handig … voor die luxe betaal je.

In de regel geldt dat de meest ‘pure’ (lees: onbewerkte) producten een stuk goedkoper zijn. Wanneer jouw rekening bij de kassa dus erg goed uitviel, zal je merken dat jouw karretje voornamelijk met zulke voedingsmiddelen gevuld was. Al dan niet onbewust.

Koop voedingsmiddelen die je ook meteen als voedingsmiddel kan herkennen

De moraal van het verhaal is dan ook erg simpel: wanneer je geld wil uitsparen opteer je best voor voedingsmiddelen die niet in een fabriek zijn ontstaan of daar alleszins om de één of andere reden tijd hebben doorgebracht. Of om het met grootmoeders wijsheid te zeggen: koop voedingsmiddelen die je ook meteen als voedingsmiddel kan herkennen. Een bloemkool is een bloemkool, weet je. Daar hoeft verder niks me te gebeuren. In tegenstelling tot die ene ‘Deluxe Vegan Gourmet Burger’ is het traject van zo’n bloemkool van de producent naar de winkel dan ook een stuk eenvoudiger. Dat scheelt.



2. Biologisch is duurder (maar wel beter).

Als we nog even voortborduren op dat ‘pure’, dan kom je natuurlijk al snel uit bij biologische producten. Tenzij we ons nu héél erg vergissen grijpen vegetariërs en veganisten, die sowieso al bewuster met hun voeding omgaan dan de gemiddelde omnivoor, immers veel sneller naar groenten, fruit en andere voedingsmiddelen waarbij mens, dier en milieu zo min mogelijk worden belast. Met de nadruk op ‘zo min mogelijk’ trouwens. Maar dat is een ander verhaal.

Voor dit verhaal is het in ieder geval een feit dat biologische voedingsmiddelen een stuk duurder zijn dan hun niet biologische varianten. Eén van de belangrijkste redenen daarvoor is dat het telen en produceren van biologische voedingsmiddelen nu eenmaal meer aandacht vraagt en meer werkuren kost.

Ter illustratie: het scheelt een boel tijd en geld wanneer een boer z’n akkers en planten van onkruid en potentiële ziektes vrijwaart door deze te besproeien met chemische substanties dan wanneer hij/zij elke vierkante meter akkergrond op z’n hurken te lijf moet gaan, slechts gewapend met een harkje en een ontiegelijke hoeveelheid geduld. Oké, we overdrijven nu allicht een beetje, maar je snapt wat we bedoelen. In economische termen is ‘tijd’ immers nog steeds een synoniem voor ‘geld’. Daar betaal je dan ook voor.

Zeker, in een ideale wereld zou zoiets natuurlijk helemaal niet het geval mogen zijn. In die wereld zou je – zo vinden wij – juist meer moeten betalen voor producten die een grote impact hebben op milieu en/of je lichaam langzaam maar zeker bevuilen met allerlei rotzooi.

De dag dat mensen voor een biefstuk de terechte som van €783 per kilo (is een gokje ja) zouden moeten neertellen of voor het verschil van 1 euro toch liever een courgette mét vleugjes pesticide dan eentje zonder aanschaffen, is echter nog veraf. Tot die tijd zullen we ons hier dus bij moeten neerleggen.

Anyway: we hadden het over voeding en budget. De keuze voor biologische producten heeft alleszins gevolgen voor jouw wekelijkse uitgaven. Bij die paar keer dat wij de prijzen van bio-groenten versus hun niet biologische variant vergeleken, stelden we vast dat je (gemiddeld) toch bij een verdubbeling van de prijs uitkomt.

En we geven het graag toe: wanneer we, zoals laatst, een joekel van een bloemkool zien liggen voor de stuntprijs van € 0,80 en vervolgens diens biologische, véél kleinere, broertje aan € 2,90, dan maken het zuinige duiveltje en het ethische en duurzaam ingestelde engeltje op onze eigen schouders ook flinke amok.

En nee, het is niet altijd de engel die wint ;).

Kortom: of je voor biologische producten de meerprijs wil betalen (en of je dat überhaupt kunt veroorloven) is een puur persoonlijke kwestie. En soms simpelweg een afweging van het moment.

Toch is er manier om, in geval je voor een vergelijkbaar dilemma kom te staan, de keuze makkelijker te maken. Zo kan je bijvoorbeeld deze lijst met de meest (en minst) bespoten akkerplanten raadplegen.

Kort door de bocht: wat de minst bespoten akkerplanten betreft, kan je dan eventueel kiezen voor de goedkopere niet-biologische variant. Simpelweg omdat het met die pesticiden dus wel zal meevallen. Groenten en fruit uit de andere lijst (zoals komkommer, aardbeien en paprika) koop je dan wel beter biologisch.

3. De supermarkt is kleiner als je veganistisch eet.

Ook min of meer in het verlengde van de vorige tip: wat je meer betaald aan bio-producten kan je als veganist vast uitsparen omdat de supermarkt een stuk kleiner voor je wordt. Dat bedoelen we natuurlijk niet letterlijk (gelukkig maar) maar wanneer je bedenkt welke rekken met voedingsmiddelen je als veganist gewoon straal voorbij kan lopen, dan is dat toch echt wel het geval.

Ga dit zelf maar even na wanneer je weer eens in de supermarkt (of een andere voedingswinkel natuurlijk) bent. Dan stel je algauw vast dat de rijen/gangen met vlees, vis, zuivel en producten die überhaupt dierlijke ingrediënten bevatten, een flink deel van de oppervlakte in beslag nemen. Producten waar je dus helemaal geen aandacht meer aan hoeft te besteden of een keuze uit gaat moeten maken.

supermarkt budget

En hoe minder keuze je hebt, hoe moeilijker het wordt om over te gaan tot …

4. Impulsaankopen (en hoe je ze kan vermijden).

De naam zegt het al: dit zijn de aankopen die je helemaal niet van plan was in je supermarktkarretje te laden, maar die je (impulsief) toch hebt aangeschaft. Omdat je er zin in kreeg, een knappe vent of vrouw op hetzelfde moment naar hetzelfde product stond te staren en/of de kortingsactie te mooi was om te laten liggen. Althans, dat dacht je. Want ondanks die laatstgenoemde korting heb je immers weer mooi véél meer geld uitgegeven dan je oorspronkelijke bedoeling was.

En je vervloekt jezelf pas wanneer je je boodschappen in de keuken staat uit te laden en op te bergen.

Let wel: dit aankaarten wil niet zeggen dat wij impulsaankopen verfoeien. We zullen zelfs de laatsten zijn om te verkondigen dat je dom bent als je je hieraan laat ‘vangen’. Immers: het leven zou verrekte saai zijn als je jezelf af en toe niet eens iets onverwachts mag gunnen. Hell no!

Het neemt alleen niet weg dat ze nadelig zijn voor je budgetplanning. Gelukkig zijn er een paar handige truks om ze zo vaak mogelijk te voorkomen.

  • Ga NOOIT winkelen met een lege maag. Echt…dit maakt een enorm verschil.
  • Vermijd de producten op ooghoogte. Heb je ergens trek in, kijk dan naar onder en naar boven in het winkelrek. Vaak vind je daar immers de goedkopere variant van waar jij je zinnen op hebt gezet. Zeker, in het slechtste geval is de kwaliteit ietsje minder maar dat zal lang niet altijd het geval zijn. Testen maar.
  • Check de huismerken. Hiervoor geldt min of meer hetzelfde. Huismerken (ook biologische) van supermarktketens  zijn vaak goedkoper en slechts zelden slechter van kwaliteit dan de bekendere merken. Het proberen zeker waard.
  • Maak vooraf een boodschappenlijstje én wijk er niet vanaf. Het zal je absoluut helpen om de ‘impulsproducten’ links te laten liggen. Gewoon je lijstje afwerken en huppa…naar de kassa. En niet meer omkijken 😉



5. Vergelijk prijzen (en check aanbiedingen).

Hoewel dit bijlange na niet onze favoriete tip is (prijzen vergelijken is saaaaaaiiii!) kunnen we er simpelweg niet omheen. Ook dit kan een groot verschil voor je budget maken. De ene voedingswinkel is namelijk de andere niet en de prijsverschillen zijn vaak best groot. Vaak heeft dit meer te maken met hoe de desbetreffende winkel of winkelketen op onkosten bespaard, dan dat er een verschil zou zijn in de inkoopprijzen die ze voor hun assortiment moeten neertellen. Al kan dat natuurlijk ook (zie tip 4 hier bovenaan over bekende versus minder bekende merken).

Een voorbeeld: zonder bedrijfsnamen te willen noemen, is het je vast al opgevallen dat de ene supermarkt qua infrastructuur wat euh…gebruiksvriendelijker/ordelijker en netter is dan de andere. Sommige ketens stallen hun producten zorgvuldig uit in blinkende winkelrekken, terwijl andere de koopwaren per pallet naar de winkelruimte sleuren en deze zo voor de klanten neerzetten. Er is in dit geval geen sprake van ‘goed of fout’ of zo. Het is simpelweg waar jij het meeste belang aan hecht.

Het mag in ieder geval duidelijk zijn dat jij voor die blinkende, goed verzorgde winkelinrichting moet bijbetalen. Dat is gewoon eeuwenoude economische logica. En die meerkost wordt vanzelfsprekend verrekend in de producten die je in die winkel koopt.

Daarnaast zijn er natuurlijk nog de aanbiedingen. Soms kom je bij de winkel stuntaanbiedingen tegen die je simpelweg niet kan laten liggen. Dat wil zeggen: als het om producten gaat die je écht nodig hebt én lang kunt bewaren (al dan niet in de diepvries, waarover later meer). Of dat je ze op de één of andere manier meteen kan verwerken zonder dat ze komen te vervallen.

Voorbeeldje: 1 prei gratis bij aankoop van 2 stuks? Vreest niet en koop er meteen 10. Verwerk een deel doordeweeks in je avondmaal, vries de rest (gewassen en gesneden) in en/of maak er soep van die je ook weer in porties kan invriezen. Financieel loont die beetje extra inspanning steeds de moeite.

Trouwens: met ‘aanbiedingen in de gaten houden’ bedoelen we niet dat je als een gek aan de slag moet gaan met het verzamelen van hele encyclopedieën vol kortingsbonnen (you also have a life ;)), maar als er iets interessants op je pad komt…maak er dan zeker dankbaar gebruik van.

6. Verpakkingsvrij winkelen

Verpakkingsvrij winkelen

Nee, het is niet zo dat verpakkingsvrije winkels per definitie goedkoper zijn dan andere winkels. Al blijft het een feit dat je als consument natuurlijk wel extra geld neertelt voor de omverpakking van voedingsmiddelen. Sterker nog: voor sommige voedingsmiddelen geldt dat de verpakking duurder is dan de uiteindelijke inhoud. En dan bedoelen we zowel voor de producent ervan als – uiteindelijk – voor jou als consument.

Hoe dan ook: behalve het feit dat verpakkingsvrij shoppen veel milieuvriendelijker is, weegt dit uiteindelijk ook door op je budget. Minder afval maken betekent namelijk ook dat je kosten kan uitsparen op de verwerking ervan. Je hebt minder afvalzakken nodig en hoeft niet om de haverklap meer naar het recyclagepark. Zeker wanneer er zo’n winkel in je buurt is, is dit een regelrechte ‘must do’.

7. Ga voor bulkverpakkingen.

Sommige voedingsmiddelen komen bijna nooit te vervallen en kan je dus prima in bulkverpakking (grote hoeveelheden in 1 keer dus) aanschaffen. Zulke verpakkingen zijn dikwijls een stuk goedkoper. Daardoor kan je op termijn echt wel wat centjes uitsparen.

bulkverpakkingen

Prima voorbeelden van voedsel dat je in bulkverpakking kan kopen zijn bloem/meel en gedroogde granen, vruchten en peulvruchten. Zeker gedroogde peulvruchten kunnen qua budget een wereld van verschil maken wanneer je hun (gare) variant in blik opgeeft en ze voortaan in bulk aankoopt. Deze zelf bereiden kost je weliswaar ietsje meer tijd (gedroogde bonen moeten vooraf geweekt worden en de kooktijd is lang), maar geloof ons…qua budget is het dat waard.

Ben je alleen of heb je een klein gezin en vind je bulkverpakkingen, variërend van 5, 10 tot wel 25 kilo, ietsje teveel van het goede? Dan heb je hebt vast wel een vriend(in) of familielid met wie je deze samen kan aankopen en met elkaar kunt delen. Je bent immers nooit de enige die kosten wil uitsparen. En ‘sharing is caring’, nietwaar? 🙂

8. Diepvriezen = kosten besparen.

Hiervoor gaan we min of meer terug naar tip nummer 5. Je diepvriezer mag dan energie verbruiken, wanneer je het verstandig aanpakt zal die je juist kosten (op voeding dus) besparen. Denk aan de eerdergenoemde aanbiedingen die – behalve voor groenten – ook gelden voor vegan burgers, worstjes, kaasalternatieven, et cetera. Al deze dingen kan je immers prima invriezen.

Een andere tip is om te letten op voedingsmiddelen die met korting worden aangeboden omdat ze bijna over de houdbaarheidsdatum heen zijn. Ten eerste blijven die doorgaans véél langer goed dan die datum aangeeft en ten tweede doet die datum, zodra ze ingevroren zijn, niet eens meer ter zake.

Conclusie: je betaalt zowat de helft van de normale kostprijs maar eet wel als een vorst. Te gek, toch?

Check wat dit betreft ook tip nummer 10 over voedselverspilling en restverwerking.

9. Koop rechtstreeks bij de boer.

Onze ‘alles onder 1 dak’ winkelcultuur doen ze ons haast nog vergeten: de boeren die ervoor zorgen dat er ook daadwerkelijk groenten in de schappen komen te liggen. Als de mogelijkheid bestaat (en de boer in kwestie zou gek zijn als ie het niet doet), dan is het altijd verstandig om je groenten, fruit, whatever rechtstreeks bij deze noeste arbeiders aan te kopen.

Je moet bijvoorbeeld weten dat diezelfde boeren zelf vaak wanstaltig slecht betaald krijgen voor hun producten. Met name de supermarkten durven in dat opzicht wel eens zwaar overdreven eisen te stellen. Terwijl jij als consument daar niet per definitie voordeel van hebt. Zou je die stap (die van boer naar supermarkt dus) overslaan dan doe je zowel de boer in kwestie als je eigen portemonnee vast wel een plezier. Sommige landbouwbedrijven/bedrijfjes bieden overigens ook groentepakketten aan aan heel interessante prijzen. Je weet vaak niet wat er in het pakket zal zitten maar het is doorgaans erg goedkoop. Plus: je eet automatisch wat er in het seizoen voorhanden is.

Lokaal geproduceerde en seizoensgebonden groenten en fruit zijn vaak veel goedkoper

Behalve beter voor het milieu is het sowieso vaak goedkoper om lokaal geproduceerde en seizoensgebonden groenten en fruit te eten. Er komen immers geen transportkosten aan te pas. Al zijn er wat dit betreft ook erg onlogische uitzonderingen (dat geïmporteerde bananen juist minder kosten dan lokaal geteelde appels en zo…vraag ons niet hoe dat in vredesnaam kan).

appels te koop - goedkoop

10. Vermijd verspilling.

Volgens een artikel in de krant Het Laatste Nieuws (daterend van 2017) wordt er alleen al in België jaarlijks zo’n 3,6 miljoen ton (!) aan voedsel verspilt. Een vrij hallucinant cijfer, zeker in een wereld waar zo’n 1 miljard mensen nog dagelijks honger lijden. En helemaal als je weet dat je dit probleem, op je eigen bescheiden manier en met een beetje oplettendheid, behoorlijk kunt verminderen.

Verspilling bedoelen we dan, het wereldhonger probleem is helaas een ander paar mouwen :-/

Anyway: al dat weggegooide eten is niet alleen nefast voor je ‘voedselbudget’, het kost je via een omweg nog veel meer geld. Je wil namelijk niet weten wat dit de staat kost aan afvalverwerking, waarvoor wij en jij op termijn dan ook meer bijdrage voor zullen moeten betalen. Last but not least: al die verspilling heeft ook een enorme impact op het milieu.

Eén van de grootste veroorzakers van voedselverspilling zijn de al eerder genoemde, en bij deze vervloekte, houdbaarheidsdata op voedingsmiddelen. Die zijn bij wet verplicht en op zich natuurlijk te verantwoorden in het kader van voedselveiligheid. Aan de andere kant zijn die opgelegde termijnen vaak véél te kort. Zoals je bij tip 8 al kon lezen kan je de meeste voedingsmiddelen nog dagen, weken en, in enkele gevallen, zelfs nog maanden na dato consumeren. Nog steeds smakelijk én zonder enig gezondheidsrisico.

Het gevolg van deze vaak te korte houdbaarheidsdatum is dat die de meeste consumenten vooral afschrikt (mensen kopen vaak zelfs geen producten die bijna komen te vervallen) en de winkelketens dus zowat dagelijks massa’s artikelen uit de rekken moeten verwijderen en deze … nou ja … simpelweg weg moet flikkeren. We hebben het dan over perfect eetbare voedingsmiddelen dus hé!

Hoe je dat in sommige gevallen kan voorkomen, lees je dus bij tip nummer 8. Op kleinere schaal kan je er ook voor zorgen dat je alle ‘delen’ van voedingsmiddelen (met name groenten en fruit) zo slim mogelijk gebruikt. Restverwerking met andere woorden.

Zo kan je de schillen van sommige groenten bijvoorbeeld perfect gebruiken voor het maken van bouillon (oké, je gooit die achteraf nog steeds weg máár je hebt ze wel hergebruikt). Ook het binnenste van een kropsla, de stengels van o.a. bloemkool, broccoli en peterselie, het loof van wortels en nog vele, vele andere ‘onderdelen’ van groenten kan je prima verwerken in allerlei gerechten.

Met een beetje fantasie en een tikje experimenteerdrift kan je zo echt kilo’s voedsel redden van de put der zinloosheid. Terwijl je er zelf nog eens financieel voordeel uit haalt ook.

11. Kweek je eigen groenten.

Ook door je eigen groenten te kweken kan je logischerwijs behoorlijk wat geld uitsparen. Al vraagt dit natuurlijk wel enige inspanning en een stukje bewerkbare grond. Hoewel je met een paar vierkante meter stadstuin of een kleine kweekbak al een aardig eind kan komen, zal je van de opbrengst dan natuurlijk geen maanden kunnen rondkomen. De ene groente (of fruitsoort) heeft tot slot ook wat meer ruimte en/of inspanning nodig dan de andere.

Zelf kweken we in onze (relatief kleine) tuin o.a. tomaten, braambessen en verschillende kruiden. Die zijn behoorlijk makkelijk te telen en het ziet er allemaal ook nog eens mooi uit. Zo hebben we 7 ranken tomaten en de opbrengst daarvan was voldoende om het hele seizoen lang geen enkele te hoeven kopen. Zo zie je maar weer.

Wil je hier graag mee aan de slag maar heb je echt te weinig (of helemaal geen) ruimte, dan zijn er nog vele andere oplossingen. Met een beetje geluk bied je gemeente misschien wel goedkope lapjes tuinbouwgrond aan waarop jij lekker aan het kweken en telen kan slaan. Zulke initiatieven zie je steeds vaker opduiken trouwens. Of wie weet ken jij wel iemand die z’n moestuin met je wil delen. Voor een prikkie of voor een gedeelte van de lekkere groentjes die je uit de grond tovert 🙂

Helemaal geen zin om in de aarde te gaan wroeten? Trek de stoute schoenen en vraag je moestuin minnende buur of je van hem/haar geen groenten kan kopen. Vaak levert zo’n moestuintje immers meer op dan de eigenaars op kunnen. Dit moet je natuurlijk alleen doen als je buur geen woekerprijzen vraagt 😉

gratis pompoenen

Zo maak je gratis pompoensoep 🙂

12. Kook zo vaak mogelijk vers.

Voor ons is het de normaalste zaak ter wereld maar we weten ook dat het er bij veel gezinnen anders aan toegaat. Logisch ook, want het leven is er bepaald niet minder hectisch op geworden. En waren tweeverdieners nog niet eens zo lang geleden een zeldzaamheid, tegenwoordig is dat toch wel even anders. Niks mis mee hoor, zo conservatief zijn we heus niet, maar daardoor is zelf koken, de populaire kookprogramma’s en zelfs foodboxen ten spijt, er niet bepaald haalbaarder op geworden.

Op een bepaalde manier is het best wel ironisch: het feit dat je met z’n tweeën gaat werken voor een hoger inkomen, terwijl het je op een andere manier juist extra geld kost. Aan kant-en-klaar maaltijden, snelle happen en de zopas genoemde foodboxen hangt immers een flink prijskaartje.

Daar komt bij dat het zelf maken van, bijvoorbeeld, seitan (behoorlijk duur als je die kant-en-klaar koopt), burgers, aardappelkroketjes en zelfs broodbeleg best wel makkelijk is. Zoals gezegd zijn dit nu net het slag voedingsmiddelen waar je in de winkel behoorlijk wat geld aan kwijt bent.

zelf broodbeleg maken

Wie flink wil snoeien in zijn/haar voedselbudget weet dus wat gedaan: de potten en pannen weer ter hand nemen en lekker aan het koken slaan. Dus zoveel mogelijk zelf je eigen avondmaaltijden, lunch, ontbijt en broodbeleg maken. Als je het een beetje goed plant (bijvoorbeeld door een weekmenu voor te bereiden) dan is het ook echt prima te doen.

En gezonder.

En lekkerder.

Geen idee hoe je al die heerlijke dingen moet maken? Nou, daar hebben wij toch het ideale kookboek voor je 🙂

13. Maak je eigen plantaardige melk.

Zelf zijn we verzot op quasi alle soorten plantaardige melk. Denk bijvoorbeeld aan amandelmelk, sojamelk, kokosmelk, rijstmelk en havermelk. Iedere zichzelf respecterende voedingswinkel/supermarkt heeft die tegenwoordig ook standaard in het assortiment. Nadeel is dat het optelt wanneer je ze graag en vaak gebruikt. Been there, done that, weet je wel.

Je voelt het al aankomen: ook hierop kan je eenvoudig besparen. Zelf plantaardige noten-, granen-, of zadenmelk maken is immers erg eenvoudig. Alles wat je daarvoor nodig hebt is een hoofdingrediënt naar keuze (een soort noten, zaden of granen dus), water, een staafmixer en een zogenaamde kaasdoek. Je weegt bijvoorbeeld een bepaalde hoeveelheid amandelnoten af, doet die in een hoge beker, giet er water bij (wel belangrijk hoeveel natuurlijk) en mixt alles tot ‘melk’. Even zeven door de kaasdoek en huppa…klaar is kees. Zelfs de pulp die overblijft kan je nog makkelijker in een gerechtje verwerken.

Het enige nadeel van zelfgemaakte plantaardige melk is dat de houdbaarheid een stuk korter is. Hooguit een paar dagen. Maar hey…dan maak je toch gewoon even snel verse. Je bankrekening en het milieu zal er in ieder geval wel bij varen.

Trouwens: zelf plantaardige melk maken wordt nog makkelijker met behulp van de Chufamix. Dat is een al even simpel als ingenieus toestel (non-elektrisch) dat je vooral veel gedoe met die kaasdoek en afwas zal schelen. Bovendien kan je met een Chufamix zelfs de allerlaatste druppels plantaardige melk uit je noten, zaden of granen persen. Zelf hebben we ook een exemplaar en we kunnen je vertellen dat die ons al heel wat plezier heeft opgeleverd.

Op het eerste zicht lijkt de aankoopprijs best duur (zo’n €50) maar dat is behoorlijk relatief wanneer je bedenkt hoeveel geld je hier uiteindelijk mee uitspaart. Een aanradertje dus.

Ontdek hier alles over de Chufamix (inclusief video én schattig hondje).

14. Gebruik simpele ingrediënten.

Naast alle vegan alternatieven voor vlees, vis en kaas, zijn er nog vele andere producten die het je erg makkelijk kunnen maken om te blijven koken zoals je gewend was … maar dan zonder dierenleed. Denk bijvoorbeeld aan zoiets als vegan ei-vervangers. Zet jij je eerste stappen richting veganisme, dan kunnen zulke producten echt wel van nut zijn. Stel, jij hebt net besloten dat je voortaan veganistisch gaat eten én je krijgt trek in cake (bekende situatie, toch? ;)).

Hoe maak je dan in vredesnaam een cake?!

Dus ja … op zo’n moment kan zo’n vegan ei-vervanger je uitkomst bieden. Het is makkelijk te doseren en het resultaat is steevast geslaagd. So why not?

Nou…vooral omdat ze gruwelijk duur zijn eigenlijk. Voor zo’n potje poeder betaal je, afhankelijk van het merk weliswaar, toch al gauw tussen de 6 en 10 euro. Best veel geld dus. Zeker wanneer je bedenkt dat je zulke producten helemaal niet nodig hebt om een geslaagde cake te maken. Dat kan net zo goed met spotgoedkope huis-, tuin-, en keukenmiddeltjes, Zodra je weet hoe dat moet, scheelt dit je absoluut een heleboel euro’s.

Om je alvast op weg te helpen, kan je beginnen met één van onze meest populaire recepten: vegan vanillecake. Of hoe gebak zonder ei of eivervanger toch hemels lekker kan zijn.

Of check ons kookboek No Milky Way – vegan desserts als je helemaal een ster wil worden 🙂

15. Superfoods versus Simplefoods.

Al hebben we de indruk dat de trend wat op z’n retour is, er was een periode dat je met de zogenaamde Superfoods haast letterlijk om de oren werd geslagen. Voor wie het niet weet: superfoods zijn voedingsmiddelen (noten, zaden, groenten, vruchten, …) die bekend staan om hun hoge concentratie aan voedzame bestanddelen. Kortom: het consumeren van zulke voedingsmiddelen zal je gezondheid zeker geen kwaad doen.

Het probleem met die Superfoods was dat men op den duur de meest exotische dingen ging lanceren die zogezegd onmisbaar zouden zijn als jij je gezondheid überhaupt serieus nam. Op een gegeven moment stonden de winkels dan ook vol met zakjes acai- en gojibessen, flessen tarwegrassap en bussen vol spiruline-, maca-, en chlorellapoeder. Klinkende namen uit exotische oorden … met prijskaartjes die je noopten om toch maar eens een bankoverval te overwegen.

Voor de goede orde: dat die dingen gezond zijn zullen we absoluut niet tegenspreken. Alleen hoef je voor het vinden en eten van superfoods helemaal niks te kopen dat alleen op 1 of andere godvergeten bergtop in Peru gevonden kan worden. In België en Nederland zelf groeien namelijk genoeg superfoods die al even gezond zijn en waarvoor je geenszins je toevlucht tot de criminaliteit moet nemen om ze te kunnen betalen. Voorbeeldjes? Nou, wat te denken van: appels, citroenen, druiven, asperges, broccoli, knoflook, bieten, spruitjes, noten, gember, …

Dus ook hier weer: keep it simple, eet gewoon gevarieerd (lees: veel verschillende groente, fruit, noten en zaden) en vermijd te dure voedingsmiddelen die je helemaal niet nodig hebt.

Zo, dit waren onze tips voor een zo goedkoop mogelijke vegan eetpatroon. Laat zeker een reactie achter als je deze nuttig en handig vond. Alsook wanneer je zelf ook nog goeie tips kent.

Comment Section

1 reactie op “Goedkoop veganistisch eten – 15 tips voor je budget


Door Els De Win op 14 november 2018

Mbt zelfgemaakte plantaardige melk: zelfgemaakte notenmelk bvb is heel geslaagd. Alleen: hier zit in verhouding tot met calcium verrijkte plantaardige melk weinig calcium in. Om diezelfde reden neem ik nauwelijks plantaardige melk van biologische oorsprong in de supermarkt. Die calcium hebben we toch heel hard nodig en je kan toch niet altijd broccoli eten ;-)?

Plaats een reactie




10 supersimpele vegan recepten
Vul je naam en e-mailadres in en ontvang het gratis e-book
Wij hebben ook een hekel aan spam
Stijn De Kock
Stijn De Kock is eigenaar van Veganistisch Koken blog en webshop, hobbykok en - naar eigen zeggen - 90% vegan. Zijn doel is om de wereld te laten kennismaken met de smaak, creativiteit én talloze voordelen van een (meer) plantaardige levensstijl.